ViewView
Founderstory

Waarom InBloom bestaat

Hoe een introverte grafisch ontwerper uit Twenterand een magazine begon dat volgens velen onhaalbaar was, en hoe daaruit een coöperatie van creatieve makers groeide.

Begonnen
2018
Waar
Twenterand
Leestijd
7 min
Tekst
Jouke Zomer
Jouke Zomer, oprichter van InBloom

Een telefoontje in 2018

Juni 2018, op een mooie zomerse dag, gaat de telefoon. Een onbekend nummer. Toch neem ik op. Wie weet is het een ondernemer die mijn nieuwe website heeft gezien, waar ik flink in had geïnvesteerd. Zelf ontworpen in Photoshop; bouwen was toen nog echt een heel andere discipline, dus dat deed een dure ontwikkelaar. Nu was het wachten tot ik gebeld zou worden. Dacht ik.

Achteraf was dit het moment waarop het idee voor Ondernemersmagazine geboren werd. Nou ja, misschien een maandje later. Het was Renate Eggengoor: "Jouke, we zijn een ondernemershuis gestart en jij moet er ook bij komen. We zitten honderd meter verderop, dus wanneer kom je langs?" Een paar dagen later had ik een contractje getekend en een bureau in het nieuwe Ondernemershuis Twenterand. Toen niet meer dan één ruimte met weinig daglicht, waar nauwelijks vier bureaus in pasten. Maar vanaf dat moment was ik een 'echte ondernemer'. Misschien wel de belangrijkste beslissing die ik ooit heb genomen.

Ik had net een eigen website, maar wat deed ik precies? Merkstrateeg durfde ik mezelf niet te noemen. Ik ontwierp logo's voor ongeveer 300 euro en websites in Photoshop. Een introverte grafisch ontwerper die achteraf gezien helemaal niets van ondernemen wist. Wat ik wel snel wist: ik moest serieus met mijn onderneming aan de slag, en logo's ontwerpen voor weinig geld was geen houdbaar businessmodel.

Van één ding was ik toen al overtuigd. Alles begint met aandacht, en aandacht houd je vast door verhalen te vertellen. Ik wilde mijn verhaal vertellen om te zien wie er wilde samenwerken. Laten zien dat ik passie heb voor design en typografie, en dat marketing ook op een positieve, eerlijke manier kan. "Kansen creëren door verhalen te vertellen", noemde ik het. Dat sales ook echt bij het proces hoort, leerde ik pas later.

Print is dood

Zichtbaar worden, en je ondernemersverhaal echt goed vertellen: daar hebben toch meer ondernemers mee te maken, dacht ik. Na wat rondvragen en een paar kopjes koffie was dat wel duidelijk. Ik was niet de enige die aandacht nodig had. Dus ging ik aandacht maken voor ondernemers, en natuurlijk ook voor mezelf. Ik gooide mijn passies in een blender, en daar kwam uit dat ik een magazine moest maken.

De ondernemersmagazines die er al waren, vond ik niet goed genoeg. De insteek moest anders, want anders krijg je een advertentieblad. Een magazine met artikelen over lokale ondernemers was even slim als radicaal, en volgens velen onhaalbaar: de bedrijven in een gemeente zouden op den duur 'op' zijn. En hoe vaak ik "print is dood" hoorde, kon ik niet op twee handen tellen.

En toch. Ik was zo overtuigd en vol passie dat ik niet meer te stoppen was. Al zou het maar één magazine worden. Juist daarom bezuinigde ik niet op kwaliteit. Het moest een magazine worden dat minstens zes maanden op koffie- en leestafels in de hele gemeente zou liggen. Interessant voor ondernemers, maar ook voor overheid, onderwijs en niet te vergeten inwoners.

Ik zag het hele magazine voor me en ben gewoon gaan ontwerpen. Samen met andere lokale creatieven, onder wie Rob Kunst, Arjen Maat en Petra Holland voor tekst en fotografie, maakten we het eerste magazine en zetten we ondernemers uit Twenterand op de kaart. Zelf deed ik de acquisitie, het ontwerp, de opmaak en de verzending. De eerste twee edities heb ik voor een groot deel op de fiets rondgebracht door de gemeente: op de balie bij ondernemers, om mee te nemen voor inwoners.

Verhalen die blijven hangen

Er kwamen samenwerkingen uit voort met andere creatieven, die later veel opleverden: boeken, nieuwe projecten en meer. Ook het artikel over mijn eigen bedrijf in de eerste editie leverde opdrachten op. Just saying.

Een van mijn favoriete verhalen uit dat eerste magazine is dat van Tobias van Rees. Ik had het logo voor zijn transportbedrijf ontworpen, en hij vertelde de tekstschrijver een mooi persoonlijk verhaal over hoe hij net voor zichzelf was begonnen. Petra maakte de foto's, ik maakte het artikel op. Precies waar ik naar zocht: mensen uit de gemeente die gingen samenwerken, en die bij de voetbal of in de supermarkt een compliment kregen. Omdat iemand onder de indruk was van hun verhaal, en eigenlijk nooit had geweten wat die teamgenoot nou de hele dag deed.

Misschien komt er op den duur een samenwerking of opdracht uit voort die er anders nooit was gekomen. Meestal is dat niet te meten, maar het hoort bij het proces: een goed verhaal onderscheidt een ondernemer van de concurrentie. Een goed verhaal blijft hangen.

Terug naar de tekentafel

Al snel volgden magazines in andere gemeenten, een website waar de verhalen ook online staan, release-events en verkochte artikelen. Tot we naar mijn idee te veel gingen lijken op die andere ondernemersmagazines. Niet zo gek, want er moest geld binnenkomen, en een magazine maken is de laatste jaren niet goedkoper geworden.

Het was tijd om terug te gaan naar de tekentafel. Waar staan we eigenlijk voor? Wat willen we met de magazines en het online platform bereiken? En wat kunnen we nog meer dan magazines maken? Na veel gesprekken en strategische sessies kwam daar een visie uit: in elke gemeente gebeuren heel veel mooie dingen waar mensen zich weinig bewust van zijn, waardoor kansen blijven liggen. En een missie: oprechte verhalen optekenen over passie, trots en kwetsbaarheid.

Inmiddels werkten we samen met zo'n 25 creatieve ondernemers uit heel Twente. Tekstschrijvers, fotografen, grafisch ontwerpers, online marketeers, podcasters en social media-strategen. We waren al lang veel meer dan magazinemakers.

Mand, snap je?

Want de taart wordt anders verdeeld. AI maakt het voor iedereen makkelijk om content te maken, en neemt veel kleine opdrachten over: een simpele flyer, een paar teksten, een snel logo. Kleine ondernemers geven daar straks geen geld meer aan uit. Wat overblijft, zijn de grotere projecten, waar tekst, beeld, design en strategie samenkomen. Die pak je als losse maker niet alleen op. Die pak je samen op.

Daarom riep ik alle makers van Ondernemersmagazine bij elkaar: wat betekent dat voor ons vak? Er kwamen twee mensen opdagen. Eerst baalde ik daarvan, maar het werd een goede bijeenkomst. Henco stelde precies de juiste vraag: waarom zijn jullie er wél?

Het belangrijkste antwoord kwam van Erwin. Hij kende me al langer en wist wat mijn drijfveren waren. Andere makers niet. Die dachten waarschijnlijk: we maken toch magazines, ik voer mijn opdrachten met plezier uit, wat wil je nog meer?

Wat jij aan het bouwen bent, is een creatieve community. En waarschijnlijk zelfs de toekomst van hoe werk voor klanten gedaan wordt. Daar wil je bij horen. Anders mis je de boot. Mand, snap je?

Erwin Langenhof

Dat gesprek maakte me iets duidelijk: we waren al lang niet meer alleen de makers van een paar magazines. Alleen wist ik dat blijkbaar als enige, en kreeg ik het niet over het voetlicht. De naam zat in de weg. Bij "Ondernemersmagazine" denkt iedereen dat je alleen magazines maakt. Niet zo onlogisch, eerlijk gezegd. Zelf zat ik er zo diep in dat ik dacht dat het maar een naam was.

Volle vaart vooruit als InBloom

Daarom gaan we verder als InBloom: een coöperatie waarin creatieve makers collega's hebben, samen grotere opdrachten aanpakken en lokale ondernemers als partner helpen. De makers zijn lid en praten mee over waar het heen gaat.

Magazines maken we nog steeds. Het is alleen niet meer het enige wat we doen, maar een van de dingen waar we samen goed in zijn. En ik wil bij ondernemers niet binnenkomen als verkoper van een advertentie, maar als iemand die een verhaal komt ophalen.

De visie is meegegroeid, met de makers voorop. In elke gemeente zit meer talent en meer verhaal dan je ziet. Ondernemers zoeken makers, makers zoeken opdrachten. Ze zitten om de hoek en vinden elkaar toch niet. Daar is InBloom voor. Hoe we dat doen, staat in ons manifest.

Wat in 2018 begon met een telefoontje en een bureau zonder daglicht, is nu een community van makers uit heel Twente. En binnenkort ook daarbuiten.

Volle vaart vooruit,
Jouke

Doe mee

Groei mee met InBloom

Als maker begin je gratis als aspirant-lid. Als ondernemer word je partner. Of praat eerst even met een creative guide.